Tag Archief van: training

Gedragsverandering is niet altijd mogelijk

We hebben een probleem in huis. Onze hond Odin vindt onze poes Amy geweldig, maar Amy is niet zo gecharmeerd van de enthousiaste manier waarop Odin dat laat merken. Als Odin de keuken binnenkomt, schiet Amy als een raket door het kattenluikje naar buiten. Erg stimulerend voor Odin om daar achteraan te rennen. Altijd te langzaam overigens.

Het is nog niet echt fout gegaan, maar we merken wel dat Amy zich in huis niet meer veilig voelt. En een blinde hond door een uithaal van Amy is ook een triest vooruitzicht. Na een aantal gedwongen mediationsessies zijn we tot de conclusie gekomen dat gedragsverandering voor beide partijen lastig gaat worden en we beter de status quo maar zo aangenaam mogelijk kunnen maken.

Nu sliep Amy al vaak op één van de keukenstoelen. Alleen kon Odin haar daar zien liggen. Nu heb ik een doos gemaakt waar Amy in kan liggen. Die doos heeft een opening waar Amy doorheen past maar die Odin niet kan zien. Na wat Motiverende Gespreksvoering besloot Amy haar nieuwe onderkomen in gebruik te nemen. En daar ligt ze nu af en toe, in alle rust. Zelfs als Odin in de keuken is.

De moraal van dit verhaal?

Soms is een training helemaal geen slimme oplossing. Het kost veel energie en tijd terwijl er soms ook effectievere manieren zijn om het gewenste resultaat te bereiken. Soms kun je beter de kantine wat leuker en lekkerder inrichten, in plaats van medewerkers te trainen hoe ze meer contact met hun collega’s kunnen krijgen. Soms is het beter om een incompetente medewerker te ontslaan in plaats van deze naar een training te sturen. (Ja: ook beter voor de medewerker zelf.) Soms kun je medewerkers beter een stiltekantoor geven, in plaats van ze naar een training Timemanagement te sturen.

Maar hoe maak je die keuze dan of je wel of niet gaat trainen?

Dat is maatwerk, maar de volgende criteria helpen mij altijd om dit vast te stellen. Je zet een training in…

  • … als er gedragsverandering nodig is om het gewenste resultaat te bereiken. (Soms is het veranderen van de omgeving voldoende en dan is er dus geen training nodig.)
  • … als oefenen noodzakelijk is voor het leren van dit gewenste gedrag. (Niet elk nieuw gedrag hoeft geoefend te worden.)
  • … als je mag aannemen dat oefening wat oplevert binnen de beschikbare tijd. (Complex gedrag dat diep verankerd is in de persoonlijkheid, verander je niet in twee trainingsbijeenkomsten.)

Eigenlijk is dit dus een pleidooi om wat minder vaak te trainen.

Maar als je gaat trainen, doe het dan goed. Neem de tijd voor het ontwerpen en neem de tijd voor de uitvoering. Gedragsverandering bereik je niet met een presentatie over communicatietechnieken en een oefening van tien minuten.

Welke werkvorm kies je?

doelgericht of flexibel trainen

Doelgericht of flexibel trainen?

Als we trainers zouden indelen in verschillende groepen (wat ik niet wil, maar soms toch stiekem doe) dan is de indeling in ‘doelgericht’ versus ‘flexibel’ zeker één van de mogelijkheden. Maar wat is nu het beste?

Een karikatuur van twee soorten trainers:
De flexibele trainer. Aan de ene kant heb je de trainers die zweren bij aansluiting bij de deelnemers. Zij zetten daarom liever weinig of niets vooraf op papier. Ze bewegen mee met de energie van de groep en slaan de meest fantastische zijwegen in. Ze kunnen goed improviseren en zijn daar trots op.
De doelgerichte trainer. Aan de andere kant heb je de trainers die veel tijd stoppen in de schriftelijke voorbereiding en hun trainingsplan nauwgezet volgen. Hun programma is heel methodisch opgebouwd, de inhoud staat als een huis en ze wijken daar ook niet van af.

Als zo’n verschil een keer ter sprake komt, dan hoor ik trainers wel eens zeggen Je moet trainen zoals het voor jou goed voelt’. Maar dat vind ik toch iets te makkelijk. Je authentieke zelf zijn is mooi, maar als dat schadelijk is voor je deelnemers kun je toch beter je aanpak veranderen. Trainen is namelijk een vak. Ik hoop dat een chirurg mij ook niet opereert ‘zoals het voor hem goed voelt’.

Mijn boodschap: Ik wil af van die tegenstelling tussen doelgerichtheid en flexibiliteit, want een goede trainer is volgens mij niet in één van die hokjes te stoppen. Ik vind dat doelgerichtheid en flexibiliteit allebei bij het trainersvak horen. Sterker nog: ze kunnen niet zonder elkaar. We moeten ze dus niet tegen elkaar uitspelen, maar met elkaar verbinden!

Flexibiliteit zonder doelgerichtheid wordt chaos. Als je alleen maar aansluit bij de groep, kan dat betekenen dat je heel andere dingen gaat doen dan dat waarvoor je gevraagd bent door de opdrachtgever. Je beweegt misschien mee met enkele vragen van deelnemers, terwijl de rest van de deelnemers zich zit te verbijten omdat ze niet krijgen waarvoor ze gekomen zijn. Je voert werkvormen uit die minder effect hebben omdat je ze niet goed hebt voorbereid.

Doelgerichtheid zonder flexibiliteit wordt een keurslijf. Als je precies weet waar je wilt komen, maar geen rekening houdt met wat er in de groep gebeurt, raak je het contact met de groep helemaal kwijt. Je wordt dan een soort zendmast die een radio-uitzending geeft zonder dat je weet of de boodschap wel landt.

Hoe ziet ‘flexibele doelgerichtheid’ eruit voor een trainer?
Een paar voorbeelden:

  1. Voor een training heb je gedragsdoelen nodig. Om die te formuleren heb je zowel doelgerichtheid nodig (ja duhh…) maar ook flexibiliteit. Want je past deze doelen regelmatig weer aan, bijvoorbeeld voor een nieuwe doelgroep.
  2. Een goede training is methodisch opgebouwd. Je werkt stap voor stap naar de gedragsdoelen toe. Maar door de onderdelen ruim te plannen, geef je jezelf ruimte om bij de uitvoering flexibel te zijn.
  3. Tijdens de uitvoering ben je flexibel binnen het kader van de afgesproken doelen. Juist omdat je je doel helder hebt, kun je af en toe ook werkvormen inkorten, weglaten of toevoegen als je denkt dat dat beter zal werken of als je in tijdnood komt.
  4. Werkvormen kopieer je niet blindelings uit een boek of van een andere trainer. Je wilt er een doel mee bereiken (doelgerichtheid) en om daar te komen, pas je jouw werkvormen dus regelmatig aan. (flexibiliteit)

Recent startte ik met een groep die zojuist te horen hadden gekregen dat hun collega in het afgelopen weekend was overleden. Je begrijpt dat op zo’n moment de planning even aan de kant gaat. Daarna ga ik puzzelen hoe we de belangrijkste doelen van de dag toch kunnen bereiken in de resterende tijd. Ook zo’n situatie vraagt dus om zowel doelgerichtheid als flexibiliteit.

Twee van mijn favoriete tegeltjeswijsheden zijn:

Geen enkel trainingsplan overleeft het contact met cursisten.
Je kunt je nog zo goed voorbereiden, uiteindelijk pas je altijd iets aan.
Je kunt pas improviseren als je de partituur kent.
Improviseren is belangrijk, maar dat kan pas als je je voorbereid hebt.
Beide wijsheden zijn waar en ze houden elkaar in evenwicht.

Doelgerichtheid en flexibiliteit kunnen niet zonder elkaar
Dat geldt niet alleen voor het trainersvak, maar dat geldt eigenlijk voor het hele leven. Ik maak plannen voor mijn bedrijf maar ik realiseer me ook dat niet alles te plannen valt. Mijn doelen voor ieder jaar geven mij richting, maar ik ben altijd bereid om zowel de doelen als de aanpak onderweg bij te stellen.

Doelgericht én flexibel leren trainen?

Als jij het trainersvak wilt leren en zowel doelgericht als flexibel wilt leren trainen, dan ben je welkom in de Trainersopleiding!

Timemanagement voor trainers